Resultaat
In het afgelopen jaar hebben wij u tussentijds geïnformeerd over de ontwikkeling van het saldo. In de laatste rapportage (tweede financiële prognose) werd een positief resultaat verwacht van €3.155.973.
Het jaarrekeningresultaat 2023 komt uit op een saldo van €8.787.797. Voorgesteld wordt dit saldo via de resultaatbestemming gedeeltelijk te storten in de algemene reserve. Na de storting van dit saldo in de algemene reserve komt deze op €15.379.644.
De verschillen worden toegelicht bij de domeinen of bij de toelichting op de balans.
Voor- en nadelen 2023
In de onderstaande tabel zijn de afwijkingen op programmaniveau weergegeven (inclusief mutaties in reserves):
bedragen X €1.000
Begroting na wijziging
Jaarrekening 2023
verschil
programma Sociaal Domein
43.702
40.782
2.920
V
programma Wonen en Ruimtelijke ordening
-3.925
-4.086
161
V
programma Beheer openbare buitenruimte
12.569
13.015
-446
N
programma Duurzaamheid
-509
-1.036
527
V
programma Economische zaken
-2.134
-2.639
505
V
programma Participatie en dienstverlening
50.815
51.089
-274
N
programma Financiën
-103.674
-105.914
2.240
V
Totaal
-3.156
-8.788
5.633
V
Alle verschillen worden toegelicht in het betreffende programma onder "wat heeft het gekost".
Risicobeheer, renterisiconorm, kasgeldlimiet
Voor de beheersing van de renterisico's gelden twee concrete richtlijnen: de
renterisiconorm en de kasgeldlimiet (beide genoemd in de Wet FIDO).Renterisiconorm
Het totaal van de leningen waarvan de rente komend jaar wordt aangepast en het bedrag
van de jaarlijkse aflossingen, mogen samen niet meer bedragen dan 20% van het
begrotingstotaal. In de tabel renterisiconorm is de ontwikkeling van de renterisiconorm
weergegeven. Wij hebben geen langlopende geldleningen waarop wij de komende jaren
een renterisico lopen. Dus blijven we hierdoor ruimschoots binnen de wettelijke norm
(wet FIDO).Kasgeldlimiet
De wet FIDO schrijft voor dat de toezichthouder (provincie) geïnformeerd moet worden
als de kasgeldlimiet drie opeenvolgende kwartalen wordt overschreden. In 2023 is de
kasgeldlimiet niet overschreden.Lastendruk
In de Coelo-atlas wordt ieder jaar een objectieve vergelijking gemaakt van de woonlasten
per gemeente. De gemeente Schagen zit landelijk gezien boven het gemiddelde met
plaats 264 op de ranglijst. Op de ranglijst wordt de gemeente met de laagste woonlasten
aangegeven met nummer 1 en de hoogste met nummer 349.Voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning bedragen de woonlasten in Nederland gemiddeld €944 (na aftrek van een eventuele heffingskorting) en €867 voor eenpersoonshuishoudens. In de gemeente Schagen is de gemiddelde woonlast voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning €1.018 en voor een eenpersoonshuishouden €961.
Risicomanagement
Het proces om risico's zodanig te beheersen dat meer zekerheid bestaat dat de organisatie haar doelstelling(en) zal realiseren.Ontwikkeling risico’s
In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing maken we onderscheid tussen incidentele risico's en structurele risico's. We zien een ontwikkeling waarbij we meer grip krijgen op de incidentele risico's, maar de structurele risico's des te groter worden.De weerstandsratio voor incidentele risico's is gestegen naar 29,8 als gevolg van lagere risico's (-/- €914.000), hogere algemene reserve (+ €4,4 miljoen) en hogere stille reserves (+€38,3 miljoen). Wanneer de stille reserves buiten beschouwing worden gelaten bedraagt de weerstandsratio 3,8. Dit is hoger dan de streefwaarde van 1,5.
De weerstandsratio voor structurele risico's bedraagt slechts 0,3. Dit betekent dat de gemeente structurele risico's niet kan opvangen. De belangrijkste oorzaak komt door de herijking van het gemeentefonds. Hierdoor laat de begroting van de gemeente Schagen vanaf 2026 geen sluitend saldo zien.
Overige kengetallen
In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing staan ook een aantal wettelijk voorgeschreven kengetallen. De netto schuldquote is gedaald van 22,80% naar 10,39%. Dit komt door mutaties aan de activa kant. Met name de mutaties in de uitzettingen < 1 jaar.
De ratio van de solvabiliteit is gestegen naar 50,85% ten opzichte van 47,07% in 2022. Het percentage belastingcapaciteit van 113% laat zien dat we met onze lokale lasten boven het landelijk gemiddelde bewegen.